woensdag 22 november 2017

deel 6

Ik krijg het maar niet op gang, deze verhalenblog. De depressieve sfeer die hier hangt is misschien een beetje onvermijdelijk, maar dat wilt niet zeggen dat ik er niet no middellijk mee kan stoppen. Deze focus van deze blog hoort geen liefdesverdriet te zijn. Dus ik stop ermee, met mijn zielige gedoe. In de realiteit heb ik niet zielig gedaan, deze blog was daar mijn plaatsje voor. Maar een omgekeerde werking was misschien logischer, en gemakkelijker geweest.

De laatste praktische problemen lopen zo stilaan ten einde. (en daarmee bedoel ik de praktische problemen rond het einde van mijn relatie, niet de andere 20.000 praktische problemen die ik heb) Mijn ex weigerde de huur te betalen, en zei dat hij het geld niet had toen ik contact met hem opnam. Hij was op dat moment aan het skiën in Oostenrijk. Kijk moest hij echt gewoon het geld niet hebben dan hadden we wel een regeling kunnen treffen. Maar doen alsof, en dan nog op die manier.

Dus heb ik hem gechanteerd met een berg valse voorschriften die ik gevonden heb in de elektriciteitskast. Op het vervalsen van documenten staat immers een behoorlijke celstraf.

Het is niet mooi, dat weet ik zelf ook wel. Ik was ook niet van plan om het te doen. Maar toen belde hij mijn vader 38 keer op een avond en had ik er genoeg van. Misschien was het niet lief, maar ik ben twee jaar lang lief geweest en kijk wat dat me heeft opgeleverd. De volgende dag stond er plots de hele som van de het geld dat hij me nog schuldig was en de huur t.e.m. januari op mijn rekening. Toch straf dat iemand zonder geld 2.500 euro kan overschrijven wanneer je er een beetje druk op zet?

Ik weet het, ik geef een verkeerd voorbeeld én een foute indruk. Maar ik ben op het punt gekomen dat me dat eigenlijk allemaal geen reet meer kan schelen.

Want ja, ik heb ik nog steeds schrik elke keer de telefoon gaat en ik hoor dat hij het is, of zijn moeder. Ik hoor het aan de manier waarop mijn ouders spreken, want zelf durf ik de vaste lijn niet eens meer op te nemen. Ik ben nog steeds bang dat hij ineens aan de bushalte of mijn school staat, of ik hem toevallig tegen kom. (wat überhaupt bijna onvermijdelijk is)


vrijdag 3 november 2017

Deel 5

Heel merkwaardig, van de ene dag op de andere zorgden zijn spierontspanners ervoor dat zijn adem naar whiskey rook. Echt stom, nu zou iedereen denken dat hij zat was terwijl het gewoon door die stomme pillen kwam! En die had hij nodig! Anders had hij teveel pijn aan zijn rug.

Hij sliep de hele dag op dat moment, 's avonds at hij niet mee. En als hij dan wakker werd, was hij kwaad omdat ik hem zogezegd niet had wakker gemaakt.

Ik wilde me inschrijven voor een opleiding, maar er waren maar een beperkt aantal plaatsen. Om 7 uur 's avonds zou ik gebeld worden om te horen te krijgen of ik mocht starten of niet. Ondertussen liepen de inschrijvingen voor andere opleidingen ook ten einde. Ik vroeg hem om alsjeblieft wakker te blijven. Maar uiteraard was hij dat niet.

Toen ik de horen kreeg dat ik niet mocht starten lag hij te slapen. Een half uur later zei hij trots dat hij een tafel voor ons gereserveerd had. We gingen naar het restaurant, terwijl ik naar het toilet ging om mijn moeder te bellen dat ik niet mocht starten bestelde hij een dure fles wijn. Pas de volgende dag vroeg hij of ik al iets had gehoord.

Ik ging me inschrijven voor mijn SLO-opleiding en hij zei dat hij ging meegaan. Maar natuurlijk... lag hij te slapen. Ik wachtte zo lang ik kon voor ik mijn geduld verloor. Ik vond het niet erg om alleen te gaan, maar dan moest hij niet zeggen dat hij meeging. Hij begon te wenen en uiteindelijk gingen we dan toch samen. Op de trein begon hij terug hysterisch te wenen. Een kwartiertje later belde zijn moeder om te zeggen dat zijn vriend in London was gestorven. Hoewel ik over veel dingen zeker weet dat hij gelogen heeft blijft dit één van de zaken waar ik het gewoon niet van weet.

Het hele verhaal rond zijn dood was behoorlijk onrealistisch en toen ik hem onlangs een smsje stuurde met de vraag of hij daarrond gelogen had werd ik uitgemaakt voor het vuil van de straat. Ik moest maar geloven wat ik zelf wilde!

Dan ga ik dat ook maar doen.

woensdag 1 november 2017

deel 4

Hij geloofde me niet, toen ik hem vertelde dat hij naakt op straat had gestaan. En de vlekken op onze voordeur, die had iemand anders er gemaakt. Op dat punt had ik de moed niet meer om er tegen in te gaan. Ik wilde niet nog meer ruzie. Hij zei dat hij minder zou drinken en ik geloofde hem.

Ondertussen had ik te horen gekregen dat ik zou afstuderen. En mijn proclamatie kwam steeds dichterbij. Ondertussen nam mijn lief nog wel steeds teveel spierontspanners. Maar hij had ook gewoon zoveel pijn aan zijn rug, dus het ging ook niet anders. De dag van mijn proclamatie kwam ik beneden. "Kan je mijn hemd strijken?"
Ik deed het, maar was niet goed gezind... Ik had niet eens mijn tasje koffie kunnen drinken en bovendien wist ik zelf niet eens wat ik ging aandoen. Ik wilde nog eens in een andere winkel naar een kleedje gaan kijken en hij offerde zich op om mee te gaan. Hij werd slecht gezind omdat ik er te lang over deed. We gingen nooit nog genoeg tijd hebben om onszelf klaar te maken. Hoewel we nog een paar uur hadden. Hij ging eerst in bad en daarna ging hij even op bed liggen, omdat hij veel pijn had.  Hij viel in slaap. En ik maakte hem 6 keer wakker. Maar met die pillen zat er natuurlijk geen schot in de zaak. Dus ging ik alleen naar mijn proclamatie, met mijn ouders weliswaar. Maar dat was niet hetzelfde.

Ik ging nadien nog iets drinken met mijn ouders en stuurde hem toen een sms dat alles goed was gegaan. Hij zei dat hij wel zou wakker blijven tot ik thuis kwam, en vroeg waarom ik hem toch niet had wakker gemaakt. 

Toen ik thuis kwam rook hij naar whiskey en lag hij te slapen op de zetel. Dus kroop ik maar gewoon in bed. Een uur later maakte hij me wakker omdat hij honger had. Hij had gewacht met eten tot ik thuis was, de schat.

deel 3

Hij ging dan uiteindelijk toch naar een dokter. Hij minderde met zijn slaapmedicatie, omdat hij zelf had besloten dat zijn grote dosissen de aanval hadden uitgelokt. En toen kreeg hij van de dokter, die hij zorgvuldig had uitgekozen een zeer sterke spierontspanner voorgeschreven. Terwijl het geen spieren waren die hem de pijn bezorgde. Maar dokters weten wat ze doen, niet? Hij zal de waarheid wel gesproken hebben op consultatie, ja toch?

De pillen maakte hem loom, slaperig en gewoon onaangenaam. En daar werd ik ook moe van. Ik deed alles in het huishouden, probeerde elke dag met hem te gaan wandelen omdat dat goed was voor zijn rug. Hij was te lui om zijn bed uit te komen en gooide zijn schoenen van bovenaan de trap naar beneden. Waarop ik elke keer recht sprong, omdat ik dacht dat hij weer van de trap viel. Ik werd kwaad en zei dat hij daarmee moest stoppen, dat ik elke keer dacht dat hij weer van die klotetrap viel. Hij zei dat ik me niet moest moeien. En dat ik de laatste weken absoluut geen gevoel voor humor meer had.

Hij ging de deur uit. Ik hoorde hem uren niet meer. Rond elf uur kreeg ik een smsje waarin stond dat ik mocht gaan slapen en me geen zorgen moest maken. Dus rond één uur kroop ik mijn bed in. Ik was moe, en ergens blij dat hij nog niet terug was. Om vier uur 's nachts stond er iemand op de deur te kloppen.


Na lang getwijfeld te hebben en langs de andere kant: "Schat ben jij het!?" geroepen te hebben besloot ik de deur toch te openen. Moest het iemand anders zijn sloeg ik de deur meteen terug in het slot.

En dat stond hij dan. Strontzat, te dronken om zijn sleutel in het slot te steken. Te dronken om te beseffen dat hij niet binnen was had hij al zijn kleren uitgetrokken. En stond hij naakt op straat. Volledig naakt. Ik trok hem binnen, woest natuurlijk, geschrokken. Dat mijn lief zat, in zijne blote op straat stond te roepen. Hij had tegen onze eigen voordeur geplast. Ik probeerde het nog op te kuisen maar hij was te zat om alleen de trap op te kruipen. Tegen de tijd dat ik boven was, had hij daar terug de fles uit de kast gehaald. Ik schreeuwde, en hij ook. Dat ik me niet druk moest maken, dat ik nu eens kalm moest zijn, dat er niets aan de hand was! Ondertussen had hij in de keuken tegen de ijskast geplast. Ik zei dat hij boven maar op bed moest gaan liggen en ik zijn glas wel ging brengen.

Tegen de tijd dat ik boven was lag hij te slapen. Naakt op bed, nat van zijn eigen urine met een halflege strip spierontspanners naast zijn bed. Ik ging op de tweede slaapkamer liggen. Zo kon ik horen wanneer hij stopte met snurken, voor moest hij een overdosis hebben genomen. Hij sliep tot de volgende dag twee uur 's middags. Toen kwam hij naar beneden gestrompeld: "schat, ben je kwaad op me?"

deel 2

Het is heel moeilijk om te beslissen over welke momenten ik ga schrijven en over welke niet. Echt heel moeilijk. Als je alles leest dan denk je misschien: ja natuurlijk is dit niet ok, dat zie je zelf toch ook!? Maar op het moment zelf zit je er zo hard in, dat je het gewoon niet ziet. Je komt gewoon de dag door en je wilt geen ruzie, je wilt je beste vriend niet kwijt. Want je vriendinnen zie je niet meer, en voor de rest heb je het gevoel dat je niemand hebt. Hij is je steun en je rots in de branding.

Na de epileptische aanval was het voor mij anders. Leek hij anders. Nog verbitterder. Maar het is ook niet niets, zo'n aanval is niet te onderschatten. Hij moest anti-epileptica nemen waardoor zijn korte termijn geheugen naar de vaantjes was. Hij vertelde me 5 keer per dag hetzelfde verhaal. En net zoals bij een kleuter moest ik alles weten liggen. Je jas ligt boven, op de kast in de slaapkamer onder je handdoek. Als hij iets niet vond werd hij zo gek van zichzelf.. Na een week was hij het beu en stopte hij te vroeg met de medicatie, zonder met een dokter te spreken. Want hij studeerde ook geneeskunde en hij wist ook wel dat het ok was.

We gingen op reis met zijn familie, waar ik geen zin in had. Hij mocht geen stress hebben, en nadat ik vorig jaar ook al was meegeweest wist ik dat het gewoon pure stress ging zijn. En dat was hij ook, elke dag ruzie tussen zijn moeder en zijn nonkel. Elke dag dezelfde misère. En ik voelde me geen ogenblik op mijn gemak. Geen seconde, want we hadden ook geen moment met z'n tweetjes. En zijn familie vond me zo al niet leuk, dus moest ik me constant bewijzen. Op de ene avond dat we even met z'n tweetjes iets gingen doen gaf hij me een diamanten ring. Kan je dan nog boos zijn? Als hij zegt dat hij voor altijd bij je gaat blijven? Dat je diamanten waard bent, omdat je zo kostbaar voor hem bent? Ik kon het niet, ik dacht dat het wel beter zou worden. Het was altijd al beter geworden. In elke relatie is het soms moeilijk, niet? Je moet er gewoon even doorheen.

Doodop kwamen we terug uit 'vakantie'. Ik was zijn familie gewoon beu. Chique mensen die racistische grappen maken en zeggen dat ze voor iedereen respect hebben. Maar acties dan toch luider spreken dan woorden.

Doordat hij tijdens zijn aanval van de trap was gevallen had hij zijn rug bezeerd. Ik smeerde zijn rug elke avond in. Maar het bleek niet te beteren. Mijn moeder, die zelf al jaren te kampen heeft met chronische rugpijn, probeerde hem te overtuigen om naar een kinesist te gaan. Die avond werd hij kwaad: "er zijn genoeg mensen die gans hun leven met deze pijn moeten rondlopen en niet weet waardoor het komt en er mee moeten leven!" waarop ik zei: "maar wie heeft beslist dat jij zo iemand bent! Er heeft nog geen enkele dokter fatsoenlijk naar gekeken!!" Hij stormde de deur uit en kwam enkele uren later straalbezopen terug thuis.  Ik lag op bed en bood mijn excuses aan. Ik had niet kwaad mogen worden.

Ondertussen zei mijn vriendin dat het niet normaal was dat hij op vakantie wel stoer had kunnen doen in het zwembad, maar nu de vaatwasser niet kon inladen door de pijn.

deel 1

Nu ik enkel en alleen lijk te schrijven over mijn break-up is het precies of ik niets te zeggen heb. Alsof mijn leven nog steeds rondom hem draait. En ergens is dat ook. Maar deze blog is ook gewoon mijn uitlaatklep, dus waarom niet heel de situatie er uit 'kotsen' en het dan gewoon verder te gaan. Misschien helpt het nog iemand die in dezelfde situatie zit. Of misschien is het gewoon eens een keertje wat anders dan modeblogs of vrouwen met een midlifecrisis. (in mode ga ik trouwens nooit uitblinken, ik draag fleecetruien... blijkbaar is dat niet cool. En op mijn midlifecrisis moet je helaas ook nog even wachten)

Het is gek soms, hoe je achteraf kan terugkijken naar je leven en denkt: wat voor een stomme achterlijke geit was ik eigenlijk? Waar ik wel nog even bij moet verduidelijken dat mijn ex me altijd graag heeft gezien en me nooit opzettelijk heeft pijn gedaan. Maar de realiteit is dat ik wel huilend in mijn bed lag en het gevoel had alsof ik al dood was. 

Het is moeilijk om één moment te kiezen om mijn verhaal te starten. Misschien moet ik beginnen door te zeggen dat twee jaar misschien niet veel lijkt, maar we samen wel heel veel hebben meegemaakt. Ik was de eerste vriendin die hij had nadat zijn vorige vriendin was overleden. Hij was mijn eerste grote (volwassen) liefde. We woonden na enkele maanden samen en ik verzorgde hem toen hij bestraling moest krijgen omdat zijn kanker misschien terug was. We waren altijd bij elkaar.

En dat is misschien waar het begon. Hij vond mijn vriendinnen té... té luid, té gewoontjes, té sletterig... dus verwaterde die contacten. En als ik al eens iets deed dan moest hij mee, anders zat hij zo zielig alleen thuis. Ik stopte met bloggen, omdat hij dat niet leuk vond. Ik luisterde niet langer naar jazz, want daar hielt hij niet van. Ik gaf mijn gezonde eetpatroon op, want hij at geen warme groentjes. Maar ach, je ziet mekaar graag. Dus waarom niet? Wat maakt het uit, een hobby of een extra pak frieten?

Hij had altijd slaapmedicatie genomen, zo lang ik hem kende. Maar in het begin ging dit prima. Maar na een tijdje ging het mis. De laatste maanden van onze relatie printte hij de hele nacht valse voorschriften uit, die ik dan moest knippen omdat hij niet recht kon knippen. En ik mocht het zeker tegen niemand zeggen, of zijn carrière binnen de geneeskunde ging eraan. En dus nam hij in plaats van de gewone dosis van 1 pilletje ongeveer het 13-dubbele per nacht. Wanneer ik op stage was sliep hij de hele dag omdat hij 's morgens gewoon een tweede dosis nam. Naar de les, of werk of stage moest hij niet. Maar ik moest hem elke dag bedanken wanneer hij had opgeruimd of al naar de winkel was geweest omdat het toiletpapier op was. 's Avonds moest ik mee naar de winkel, ik moest uiteindelijk iets koken wat hij graag at. In het weekend poetste ik het appartement.

En toen kreeg hij zijn epileptische aanval. Ik stond beneden toen ik hem van de trap hoorde vallen en naar boven liep om mijn lief schuimbekkend onderaan de trap te zien liggen en geen reactie van hem kreeg. En belde ik voor de eerste keer in mijn leven de ambulance. Tussen dat de ambulance er was en mijn vriend terug bij bewustzijn kwam dacht ik dat hij stierf, dat hij gewoon dood was. Een hersenbloeding of iets dergelijks. 

Toen hij besefte dat hij naar het ziekenhuis moest smeekte hij me om alsjeblieft tegen niemand iets te zeggen. En dus deed ik dat. En ik het ziekenhuis smeekte hij me om in Leuven te blijven. En toen hij daar lag in zijn onderbroek met een infuus beloofde ik dat. Ik probeerde een paar vriendinnen te contacteren om eventueel op hun kot te blijven slapen. Maar het was vakantie en twee uur 's nachts op een dinsdag. Dus natuurlijk kreeg ik niemand vast. Dus hing ik maar een beetje alleen rond, in het midden van de nacht. En voelde ik me onveilig en alleen. Maar ik had het belooft om onze families niet in te lichten en om in de buurt te blijven. En dus deed ik dat. 

De volgende dag wachtte ik tot het bezoekuur. En mocht ik hem een kwartiertje zien. Hij wilde geen onderzoeken ondergaan. Had in zijn bed geplast omdat de verpleegkundigen hem niet zeiden waar het toilet was, ze hadden hem nog niets aangeboden om te drinken. Toen ik zei dat hij dat moest vragen werd hij kwaad. 

Verpleegsters moesten luisteren naar meneer de dokter.

Dus ging ik me verontschuldigen bij de verpleegkundigen, die me medelevend aankeken. En toen begreep ik niet waarom. Maar nu wel. 

Later die dag kreeg hij dan toch de toestemming om te vertrekken. Niet helemaal, maar de dokter zei dat het goed was. En dus namen we een taxi. Ik was ondertussen bijna 30 uur wakker. En toen we eindelijk thuis waren vertrok ik te voet naar een apotheker van wacht, 6 kilometer stappen. En ik belde hem op de terugweg dat ik zijn anti-epileptische medicatie had en dat ik over een half uur thuis zou zijn, en of hij alsjeblieft wakker kon blijven omdat ik mijn sleutels was vergeten, dat mijn gsm bijna plat was. En hij vroeg me naar het frituur te gaan. Dus deed ik dat, want hij was ziek, bijna dood... Ik was gewoon 32 uur wakker, dat was er niets.

Maar toen ik thuis kwam deed hij de deur niet open, nam hij zijn gsm niet op. Ik belde tot mijn batterij plat was. En stond een kwartier te bellen aan de voordeur. Tot de mensen op het terras van het theehuisje naast ons me geïrriteerd begonnen aan te kijken. Dus zette ik het pak frieten neer en schreef er met een pen op: "ik ben naar R." Mijn vriendin die in de buurt woonde. Dus wandelde ik de twee kilometer naar haar huis. Waar ze niet thuis bleek te zijn; maar waar ik van haar fantastische familie naar mijn ouders mocht bellen. Want op dat moment dacht ik: hij heeft terug een aanval gehad en ligt dood beneden aan de trap met een gebroken nek.

Dus kwamen mijn ouders met een reservesleutel een klein uurtje later liep ik de trap op. Waar hij niet was, geen antwoord. Ging ik kijken of hij misschien dood in bad lag, of in bed. Maar hij was er niet. Hij was niet thuis. En ik flipte. Ik werd gek. Met bijna 35 uur wakker, doodop. Zonder enig teken van mijn lief. Maar de frieten stonden binnen, en dus moest hij mijn boodschap gezien hebben.

Een half uur later, toen mijn gsm voldoende was opgeladen bleek dat zijn moeder me gebeld had. Om te zeggen dat het ziekenhuis haar had gebeld. En dat ze hem was komen halen omdat hij toch een onderzoek moest krijgen. Hij was woest, op het ziekenhuis omdat ze zijn moeder gebeld hadden. 

Mijn ouders brachten me naar het ziekenhuis en namen me toen mee naar huis. Na bijna 40 uur kroop ik in mijn bed. En mijn lief ging naar zijn moeder, die woest op me was omdat ik haar niet gebeld had. En mijn ouders waren woest, omdat ik ze niet gebeld had. En mijn lief snapte niet waar ik me zo druk om maakte, want alles was toch ok?


En zelfs nu wordt ik emotioneel als ik terug denk aan die hele, hele lange dag. En vraag ik me af waarom hij niet een berichtje had gestuurd naar R. of geen papiertje op tafel had gelegd, of tegen de buurman had gezegd dat hij naar het ziekenhuis was.

Het was op

Niemand lijkt het echt te snappen, wanneer ze voor het eerst horen dat onze relatie ten onder is gegaan. We waren toch het ideale koppel? #relationshipgoals
We woonden samen in een mooie appartement. Ik en de rijke geneeskundestudent met een gouden toekomst. Hij was gek op me, betaalde hotels en diamanten ringen. Hij gaf er niet om dat ik wat dikker was geworden of dat ik herexamens had. Dus waarom had ik het dan uitgemaakt?
En dan zeg ik altijd maar: Ja, hij dronk zoveel eh...

En de mensen die in de buurt wonen die knikken dan... De veganistische tattoeëur vanop de hoek waar hij dronken in de zaak kwam om mijn broer te spreken die daar in opleiding is. De kapster onder ons, waar hij dronken de zaak binnen kwam om te vertellen hoe goed hij wel niet was in zijn studies. De dame die in de Delhaize achter de kassa werkt, en hem dagelijks enkele flesjes whiskey zag kopen. De apothekers doorheen heel de stad, waar hij wekelijks zijn pillen kwam halen met valse voorschriften. De huisarts waar hij dronken op consultatie kwam om meer pillen te vragen.

Maar de mensen die verder weg wonen die denken dat het dan gaat over een pintje teveel zo nu en dan. Maar dat was het niet. En ik haat het om dat tegen hen te zeggen. Want ik heb het toegelaten. Hoe erg het ook was, ik heb nooit ingegrepen. En dat had ik moeten doen. Maar wanneer je in die situatie zit en weet je niet meer wat je moet doen. Wanneer je lief voor de zoveelste keer weer zat op de zetel ligt.

Op een gegeven moment is het op. En die nacht was het op, was ik op.

Romeo en Julia hadden ook een tragisch einde

Sinds ik rond mijn 19de op kot ben gegaan ben ik niet meer zo lang thuis geweest. Het is raar, alsof ik door een gigantische onzichtbare hand ben opgetild en ergens in het verleden ben teruggezet. Alsof alle vooruitgang ik de voorbije vier jaar heb gemaakt is uitgewist.

Begrijp me niet verkeerd, thuis wonen heeft zeker zijn voordelen. Maar ik mis de zelfstandigheid en soms de eenzaamheid van het alleenwonen. Zelfs toen mijn ex nog bij me woonde was ik vaak genoeg alleen. Nu ben ik nooit helemaal alleen, en dat is een raar gevoel.

Toch merk ik dat het me goed doet. Ik moet mezelf terug ontdekken.

Wat vond ik ook alweer leuk?

Waarom heb ik mijn vorige, succesvolle, blog ook al weer verwijderd? Ahja... hij vond dat niet leuk... Vanaf mijn 16de had ik eraan gewerkt. Maar hij vond dat niet leuk. Dus ja... Voor mensen die van je houden doe je alles, niet?

Het geromantiseerde beeld van liefde is kapot, zelfs dat niet. Het is gewoon weg. Bestaat niet meer. En dat klinkt enorm depressief en dramatisch, alsof ik zeg dat ik voor de rest van mijn leven in een hoekje ga huilen en nooit meer gelukkig ga zijn. Maar dat is niet zo, maar mijn beeld van liefde is veranderd. Ik wil geen hevige literaire liefde waar ze in de boeken over schrijven.

Uiteindelijk gingen Romeo en Julia allebei dood, een tragisch einde.
Maar Maria en Jef vanop de hoek met hun doodnormale liefde, die krijgen 3 kinderen en wonen nog steeds samen in hun eigen huis.

zondag 8 oktober 2017

het is uit

Ik heb het uitgemaakt.

Harteloze trut

Als je het uit maakt, hoor je dan nog wel zoveel liefdesverdriet te hebben? Of zo weinig?
Moest hij de deur opengedaan hebben, dan had ik mijn moeder niet moeten bellen.
Dan had hij de kraan niet uit de muur getrokken.
Was ons appartement niet onder water komen te staan.
Had ik de politie niet moeten bellen, de ambulance had niet moeten komen omdat hij te dronken was om op zijn benen te staan.
Had ik om drie uur 's nachts geen gesprek moeten hebben met een spoedarts over zijn drank- en medicatiegebruik.
Had ik misschien een keuze gehad in het verder verloop van onze relatie.

Twee jaar
op één avond
weggespoeld.

dinsdag 19 september 2017

19/9/17

Een kalme leegte overviel haar. Het was bijna tien uur, en ze lag op de oncomfortabele bank ik haar kleine appartement. Het had een hele dag geregend, en een uur geleden had ze besloten de gordijnen te sluiten en kaarsjes te branden.

Het was een lange dag geweest. En hoewel ze niet voldaan was voelde ze zich rustig. Het is een moeilijk te omschrijven gevoel. Alsof je langs de rand van eenzaamheid staat en je besluit die stap nog niet nemen.

Ze was bewust alleen, en nam daar genoegen mee. Morgen zou ze haar partner kussen, nieuwe mensen leren kennen en tiramisu als ontbijt eten. Maar vanavond had ze niets meer gepland. En terwijl de aftiteling op de televisie startte bleef ze op de bank liggen. Nam ze de leegte in haar op.

Ze daar nog even liggen, met een lege maag en een goed gevoel. De dag was voorbij.

maandag 18 september 2017

eerste dag


Vandaag was mijn eerste dag op de specifieke lerarenopleiding. Hoewel ik even een "hoor ik hier wel thuis"-momentje heb gehad was het al bij al een geslaagde dag.
Ik kijk er naar uit om te leren hoe een lesvoorbereiding er nu juist moet uitzien, op welke manieren je een klas in de hand kan houden, etc.

Ik denk dat het ook heel belangrijk is om mezelf te blijven motiveren, zoals ik dat vandaag doe met deze blogpost. De beste manier om dingen te leren is om er mee bezig te zijn. En ook al is het door zo'n kort tekstje te schrijven!

Doei!